U bent nu hier:

Contact Amsterdam

Maria Giol LLobet (secretariaat)
Postbus 206
1000 AE  Amsterdam

tel.nr.: 020- 3445700
fax. nr.: 020- 3445370
knmg@1stelijnamsterdam.nl

De weerbarstige praktijk achter het ontmoedigen van jongensbesnijdenis

Volgens de KNMG is jongensbesnijdenis een aantasting van de rechten van het kind en de grondwettelijk vastgelegde onaantastbaarheid van het lichaam. Ontmoedigen, luidt daarom het standpunt van de KNMG. De praktijk kent voor- en tegenstanders, bleek ook op de debatavond van 13 maart georganiseerd door het KNMG district Amsterdam. Over medische complicaties, voorlichten in de praktijk, vrijheid van godsdienst en de rechten van het kind.

De storm van discussie die losbarstte toen de KNMG in 2010 jongensbesnijdenis veroordeelde is ook in de volle zaal in Amsterdam nog niet gaan liggen. Waar tegenstanders van jongensbesnijdenis wijzen op medische complicaties en schending van kinderrechten, willen met name religieuze groepen niet tornen aan de grondwettelijk vastgelegde vrijheid van godsdienst.

Medische en morele gronden
“Wereldwijd groeit het verzet tegen het besnijden van jongens”, vertelt KNMG-ethicus Gert van Dijk als hij uitlegt waarom de KNMG zo’n uitgesproken standpunt heeft ingenomen. “Er kunnen op korte en op lange termijn problemen door de besnijdenis ontstaan, terwijl er geen bewezen medische voordelen zijn. Die problemen variëren van bloedingen en infecties direct na de ingreep tot plasbuisvernauwingen en seksuele problemen op latere leeftijd. Er zijn ook steeds meer mannen die zich openlijk beklagen over het feit dat ze in hun kindertijd besneden zijn.”
De keuze voor de ‘krachtige ontmoediging’ komt niet alleen voort uit medische, maar vooral uit morele overwegingen. Van Dijk: “Ieder mens heeft recht op autonomie en onaantastbaarheid van zijn lichaam. Medische ingrepen bij kinderen zijn alleen te rechtvaardigen bij ziekte of afwijkingen, of als de ingreep in het medisch belang is van het kind, zoals bij vaccinaties. Veel ouders denken ten onrechte dat besnijdenis een onschuldige ingreep is of dat er hygiënische voordelen aan verbonden zijn. Daar moet je ze dus als arts tenminste over voorlichten.”

Voorlichten en toestemmen
De KNMG pleit nadrukkelijk niet voor een verbod. Van Dijk: “In Nederland ondergaan elk jaar zo’n 10.000 tot 15.000 jongens een besnijdenis. Het is een diep geworteld gebruik waarvan we niet willen dat het ondergronds gaat. Daarom is in overleg met onze achterban en gesteund door een groot aantal medisch wetenschappelijke verenigingen, gekozen voor een beleid van ontmoedigen.” Een gedachte die directeur Lex Klein van Besnijdenis Centrum Nederland (BCN) onderschrijft, maar waarbij hij ook een voorbehoud maakt: “Wij lichten standaard beide ouders voor en laten hen een toestemmingsverklaring ondertekenen. Ontmoedigen ligt lastiger. Als mensen zich in de besnijdeniskliniek melden, is de keuze al gemaakt en wordt een discussie hierover ervaren als een afwijzing of kritiek.”

Geen onschuldige complicaties
Het BCN startte in 2001 met het uitvoeren van besnijdenissen. Inmiddels vinden er in de tien vestigingen jaarlijks zo’n 6.000 circumcisies plaats. In 2011 is er voor het eerst een follow-up studie gedaan naar complicaties. Klein: “18 procent van de kinderen wordt nog teruggezien door een arts. In de helft van die gevallen is dat alleen voor geruststelling.” Maar hoogleraar kinderurologie Tom de Jong wijst erop dat complicaties van een circumcisie ook pas jaren later kunnen optreden. “Uit een Iraanse studie* blijkt dat de kans op een plasbuisvernauwing na neonatale circumcisie 20 procent is. In de academische praktijk zien we wekelijks meer en minder ernstige complicaties van circumcisie. Een circumcisie is dus lang niet altijd onschuldig.” Dus, vraagt De Jong de zaal: “Zijn die risico’s acceptabel voor een ingreep waar geen medische indicatie voor bestaat?”

Voorlichting vanzelfsprekend
Het aangehaalde onderzoek maakt de discussie tussen voor- en tegenstanders van het ontmoedigingsbeleid meteen weer los. Tegenstanders trekken de resultaten in twijfel en vragen om onderzoeksresultaten uit de Nederlandse en Israëlische praktijk. Ook rijst de vraag of de KNMG wel voldoende aandacht heeft voor het religieuze belang dat deze ingreep heeft, met name in de islam en het jodendom. En sommige artsen vrezen dat ontmoediging de arts-patiëntrelatie kan schaden. Van Dijk: “Waar het ons om gaat is dat artsen niet klakkeloos verwijzen naar de besnijdeniskliniek, maar het gesprek aangaan met ouders. Deze voorlichting is zelfs wettelijk verplicht. Heb respect voor de religieuze motieven van mensen, en benader de ingreep vanuit medisch perspectief. Als arts heb je een verantwoordelijkheid naar ouders én kind. Maar uiteindelijk beslissen ouders zelf.”

* Joudi M, Fathi M, Hiradfar M (2011), Incidence of asymptomatic meatal stenosis in children following neonatal circumcision, Journal of Pediatric Urology, Oct;7 (5):526-8.

Na afloop: wat vinden deelnemers?
Huisartsen Andries Jonkhoff uit Haarlem en Avi Teszler uit Diemen zijn samen naar de debatavond gekomen.

Avi Teszler: “Wanneer ik een discussie aanga met een patiënt over de medische implicaties van een niet-therapeutische circumcisie, wil ik mijn advies onderbouwen met feiten. Maar er zijn weinig harde data; ik hoor er vooral die niet gestaafd kunnen worden.”

Andries Jonkhoff: “Seculiere en religieuze waarden komen met elkaar in botsing. Maar we moeten de adviserende rol van de arts in deze uiterste gevoelige kwestie niet overschatten; veel mensen gaan direct naar BCN omdat zij hun keuze al gemaakt hebben.”

Ook meepraten over ontmoedigen van jongensbesnijdenis in de dagelijkse artsenpraktijk?
24 mei:  bijeenkomst KNMG-district Den Haag
28 juni:  internationaal symposium The doctor and the foreskin. Circumcision: forbid, deter or encourage? De Doelen, Rotterdam, kosteloze deelname. Aanmelden via www.knmg.nl/symposium/circumcision

Alle informatie bij elkaar in het webdossier jongensbesnijdenis: www.knmg.nl/jongensbesnijdenis

Tekst Naomi Querido


Agenda Amsterdam

In het nieuwsoverzicht vindt u ook verslagen van symposia die door KNMG district Amsterdam zijn georganiseerd. Naar nieuwsoverzicht >

Lidmaatschap

Door uw lidmaatschap van de KNMG of de beroepsvereniging bent u ook lid van een van de KNMG-districten.  

Heeft u een adreswijziging of een andere vraag over het lidmaatschap? Neem dan contact op met Esmee Donker van de KNMG
e.donker@fed.knmg.nl

Deelnemende sites

Voor deze site(s) bent u ingelogd