U bent nu hier:

Opleidingsplan huisartsgeneeskunde

  • Raamcurriculum

    De acht opleidingsinstituten hebben gezamenlijk het Raamcurriculum 2005 opgesteld, dat de operationalisering van de opleidingseisen, waaraan het Competentieprofiel van de huisarts en de Eindtermen gekoppeld zijn, beschrijft. Dit Raamcurriculum geeft de globale inhoud van het onderwijs aan en welke doelen op welk opleidingsmoment worden bereikt. Deze doelen staan omschreven in het Tussenprofiel jaar 1 en het Tussenprofiel jaar 2 en het Competentieprofiel van de huisarts. Daarmee is het Raamcurriculum - na vaststelling door de HVRC - het uniforme kader, op basis waarvan de acht instituten ieder hun eigen opleidingsplan hebben uitgewerkt.

    Het opleidingsplan is het door het opleidingsinstituut opgesteld plan dat de inrichting en uitvoering van het onderwijs beschrijft en het kader vormt voor het individuele opleidingsprogramma alsmede voor de leerwerkplannen van de opleidings- en stage-inrichtingen. Het opleidingsplan dient te worden goedgekeurd door de HVRC.

    Handreiking Opleidingsplan

    De Handreiking voor een Opleidingsplan (HOP) geeft de acht opleidingsinstituten kaders voor een competentiegericht curriculum. Het biedt een kader voor de volgende onderwerpen:

    • Visie op leren
    • Visie op begeleiden
    • Visie op toetsen
    • Kader van de opleiding
    • Inrichting van de opleiding
    • Model voor competentiegerichte opdrachten

  • De huisartsopleiding is een duale opleiding waarin het hulpverleningsproces in de huisartspraktijk centraal staat. Het totale handelingsdomein van de huisarts wordt in het competentieprofiel van de huisarts onderverdeeld in zeven taakgebieden. De onderlinge samenhang van deze taakgebieden is nauw. In het onderdeel 'inrichting van de opleiding' uit het document Handreiking Opleidings Plan wordt dit nader uitgewerkt. De opleiding is concentrisch van opbouw wat inhoudt dat alle competenties jaarlijks in het onderwijsprogramma aan de orde moeten komen en getoetst worden. In het onderwijsplan wordt onderscheid gemaakt in toetsthema’s.

    Met een toetsthema als kapstok worden overeenkomstige klachten en aandoeningen geclusterd, zodat in het onderwijs en in de bijbehorende toetsing gericht aandacht gegeven kan worden aan een bepaalde (medische) problematiek. De toetsthema's verdelen het totale opleidingstraject in overzichtelijke blokken. De blokken zijn echter niet scherp afgebakend en kunnen elkaar in tijd deels overlappen. Bovendien is variatie mogelijk in de volgorde van de blokken. Verder moet gerealiseerd worden dat een blok weliswaar focust op een bepaalde (medische) problematiek, maar er is altijd ruimte voor leervragen over een andersoortige problematiek naar aanleiding van ervaringen in de hulpverleningspraktijk.

    Toetsthema’s Jaar 1

    • Spoedeisende hulp in de huisartspraktijk
    • Korte episode problemen
    • Complexe aandoeningen
    • Moeilijk interpreteerbare klachten
    • Veel voorkomende chronische ziekten

    Eis: dekking tussenprofiel jaar 1

    Toetsthema’s Jaar 2

    • Spoedeisende hulp in de kliniek
    • Diagnostiek en behandeling van naar de 2e-lijn verwezen problemen
    • Chronische complexe aandoeningen in een (intramurale) instelling
    • Diagnostiek en behandeling van psychosociale en psychiatrische problematiek in de instelling
    • Individuele competentieverbreding

    Eis: dekking tussenprofiel jaar 2

    Toetsthema’s Jaar 3

    • Terminale/palliatieve zorg
    • Planmatig begeleiden van langdurig hulpbehoevenden/diseasemanagement
    • Praktijkmanagement
    • Individuele competentieverbreding

    Eis: dekking competentieprofiel van de huisarts

    Toetsing

    Binnen het project Vernieuwing Huisartsopleiding is in aansluiting met het Protocol Toetsing en Beoordeling en Handreiking voor een Opleidingsplan het Landelijk Toetsplan samengesteld. Dit landelijk toetsplan bevat aanbevelingen voor een competentiegericht toetsbeleid. Het doet aanbevelingen voor een uitgebalanceerde mix van toetsing- en beoordelingsinstrumenten passend bij de principes van een competentiegerichte opleiding. Daarnaast biedt het een overzicht van welke doelen (objecten), wanneer, op welke wijze en door wie getoetst worden.

    Het Protocol Toetsing en Beoordeling is gemaakt op basis van het Kaderbesluit CHVG en is vastgesteld door de HVRC. Daarmee is het onderdeel van de regelgeving geworden. Het Protocol Toetsing en Beoordeling bevat een aantal regels over de wijze waarop educatieve en selectieve toetsing, beoordeling en besluitvorming binnen de huisartsopleiding op de verschillende opleidingslocaties gerealiseerd moet worden. Het protocol is een landelijk kader dat bijdraagt aan uniformiteit en transparantie.

    Uitgangspunten bij toetsing

    Toetsen van competenties
    Kenmerkend voor competenties is de geleidelijke ontwikkeling ervan door herhaling van het handelen in steeds complexer wordende praktijksituaties. Bij het toetsen van competenties gaat het dan om het vaststellen van de beheersingsgraad op een bepaald moment in de opleiding. Om tot een hogere graad van beheersing te komen is het noodzakelijk dat de aios:

    • het huidige handelen bijstuurt;
    • oefent in nieuwe situaties;
    • onderliggende kennis en vaardigheden uitbreidt.

    Als beheersing van relevante kennis, inzicht en vaardigheden een voorwaarde is voor groei, dan is het niet meer dan logisch dat deze bouwstenen van de competenties tot op zekere hoogte los van de context bestudeerd, geoefend én getoetst worden. Dit houdt in dat kennistoetsen, vaardigheidstoetsen en competentietoetsen deel uit moeten maken van de toetsing.

    Functie van toetsen
    Voor wat betreft de functie van het toetsen moet onderscheid gemaakt worden tussen educatieve en selectieve toetsing. Dit is uitgewerkt in het Protocol Toetsing en Beoordeling conform het Kaderbesluit CHVG en vastgesteld door de HVRC.

    Bij educatieve toetsing worden de uitkomsten van elke afzonderlijke kennis-, vaardigheids- en competentietoets gebruikt voor het geven van feedback aan de aios. Deze feedback is nodig om het huidige handelen te kunnen bijsturen.

    Ten behoeve van selectieve toetsing worden de uitkomsten van het geheel aan afgenomen toetsen bekeken om te komen tot een voortgangsbeslissing. De afzonderlijke toetsen dienen daarbij als onderbouwing van het ‘overall’ oordeel. Voornoemd protocol bevat grondregels voor uitvoering van de toetsing binnen het opleidingsinstituut en geldt als landelijk kader voor een toetsplan.

    Principes van toetsen en beoordelen
    Principes voor het toetsen en beoordelen zijn:

    • spiegelen aan ervaren professional;
    • dekking van drie dimensies;
    • solide onderbouwing van het oordeel;
    • attractief om getoetst te worden.

    Het toetsplan geeft een overzicht van de verschillende handelingsdomeinen, objecten en de toetsthema’s. De toetsthema’s zijn over de opleidingsjaren verdeeld. Per toetsthema is het te beoordelen object, de plaats van beoordeling en wie beoordeelt uitgewerkt. Er worden aanbevelingen gedaan met welke toetsinstrumenten getoetst kan worden.

    Downloads:

  • Competentiegerichte opdrachten

    De competentiegerichte opdracht is een belangrijke activerende werkvorm, waarin één specifiek medisch thema centraal staat. Er wordt systematisch gewerkt aan het verwerven en oefenen van voorwaardelijke kennis en vaardigheden van de geselecteerde competenties en het geïntegreerd toepassen ervan in de beroepscontext van de aios.

    Er is een model voor competentiegerichte opdrachten ontwikkeld. Het model voor competentiegerichte opdrachten is voor een aantal thema’s uitgewerkt als try-out:

    Competentie Beoordeling Lijst (ComBel)

    Bij de totstandkoming van de lijst hebben de werkgroepleden uit het project het volgende doel voor ogen gehad: de ontwikkeling van een beoordelingsinstrument met behulp waarvan begeleiders, huisartsopleiders en stageopleiders (en andere beoordelaars) een oordeel kunnen geven over de competenties van de aios als aspirant huisarts op de 7 taakgebieden van het competentieprofiel van de huisarts en welk oordeel wordt betrokken bij het nemen van een beslissing om de voortgang in de huisartsopleiding van de aios.

    Leeractiviteiten en coachvragen

    De opleider en docent combineren afwisselend de rol van expert en coach. De inbreng als expert is moment- en onderwerpgebonden, terwijl de coach proces- en ontwikkelingsgericht met de situatie omgaat. De coach stelt vragen, in plaats van dat hij antwoorden geeft. Voorbeelden van coachvragen zijn verbonden aan verschillende leeractiviteiten. Download de voorbeelden van coachvragen

  • De kwaliteit van de opleiding van de aios wordt in belangrijke mate bepaald door de kwaliteit van opleiders. Enkele uitgangspunten zijn:

    • De opleider heeft een centrale rol
    • Opleiders zijn vakdeskundig, begeleidingsdeskundig en gemotiveerd
    • Zij voeren onderwijskundige taken uit.

    Deze uitgangspunten geven de opleider een belangrijke positie. Hiermee wordt het belang aangegeven van een goede opleiding van de opleider. De opleidingsinstituten hebben in de loop van de jaren verschillende onderwijsprogramma’s gemaakt. Nu ligt er een scholingsplan waarin deze programma’s, toetsen en cursussen een samenhangend geheel kunnen vormen, dat tot een helder en gestructureerd opleidingscurriculum voor opleiders leidt. Uitgangspunten bij het opleiden van aios zijn het uitgangspunt bij het opleiden van opleiders. De basis van het scholingsplan is het competentieprofiel van de opleider.

    Downloads:

    Voor de docenten van het opleidingsinstituut is eveneens een competentieprofiel samengesteld. In het competentiegerichte scholingsplan wordt de deskundigheidsbevordering van de docenten vorm gegeven.

    Downloads:

  • Modernisering huisartsopleiding

    De gevolgen van de herziening van het raamcurriculum, de capaciteitsuitbreiding en de flexibilisering van de opleiding zijn zo groot dat de opleidingsinstituten, de SBOH en de HVRC in 2003 het Project Vernieuwing Huisartsopleiding (PVH) in het leven hebben geroepen. Het project is 31 maart 2006 afgesloten en de resultaten waren tot 1 januari 2007 te vinden op de website pvhuisartsopleiding.nl (deze site is inmiddels niet meer in gebruik).

    Er zijn door 7 projectgroepen 23 producten opgeleverd waarvan het meest in het oogspringende product en eveneens de basis voor één huisartsopleiding op acht locaties is: handreiking voor een opleidingsplan. Hierin staat op welke wijze de huisartsopleiding opleidt tot huisarts.

    Samenwerking

    Het PVH was een project van iedereen die betrokken is bij de huisartsopleiding. Dit kon men terugvinden in de samenstelling van de projectgroepen, waarin deskundigen uit het hele land zitting hadden. Ook werd zoveel mogelijk samenwerking en afstemming met beroeps- en belangenverenigingen nagestreefd, omdat zij zeer belangrijk zijn voor het welslagen van het project. Daartoe werden contacten onderhouden met onder andere RHO, NHG, LHV, LHOV, LOVAH, het CHVG.

    Drie succesfactoren

    Het project is een succes te noemen omdat het geleid heeft tot landelijke samenwerking. Diverse factoren hebben aan een succesvol verloop bijgedragen. Hoewel er verschil van inzicht is geweest over te maken keuzes, bleek de wil om samen te werken bijna iedere keer toch sterk genoeg om besluiten te kunnen nemen en de route gezamenlijk te volgen. Naast de wil tot samenwerking bleken ook kortere en intensievere lijnen tussen de convenantpartners van het PVH bij te dragen aan het succes. Vrijwel ieder te ontwikkelen product kent inhoudelijke, financiële en juridische aspecten. Door samenwerking van de hoofden van de opleidingsinstituten (kennis van de inhoud) met de SBOH (kennis van financiën) en de HVRC (kennis van regelgeving), konden deze aspecten direct bij de ontwikkeling worden meegenomen en werd er intensief gebruik gemaakt van elkaars deskundigheid. Daarnaast heeft de uitwisseling van kennis en methoden tussen de opleidingsinstituten geleid tot hoge kwaliteit van de producten. Een derde succesfactor was de projectmatige aanpak door professionele projectleiders, waarvan één met een onderwijskundige achtergrond. De strakke projectleiding vormde een kracht, die continuïteit in de voortgang tot stand bracht.

    Implementatie

    Veel van de PVH producten zijn inmiddels verankerd in de regelgeving en daarmee is het gebruik gegarandeerd. De wens tot meer uniformiteit binnen de huisartsopleiding kan alleen vervuld worden wanneer de implementatie van de overige producten gezamenlijk gebeurt. De vervolgacties, die naar aanleiding van het PVH genomen worden, worden grotendeels op de opleidingsinstituten vormgegeven dan wel op centraal niveau opgepakt door een nieuw samenwerkingsorgaan. In het voorjaar 2006 is dit nieuwe samenwerkingsorgaan in het leven geroepen. Het wordt aangestuurd door de opleidingsinstituten en de Landelijk Huisartsenopleiders Vereniging. Dit orgaan zal de follow up die beter centraal kan worden uitgevoerd op zich nemen. De (voorlopige) naam van het orgaan is Samenwerkingsorgaan Huisartsenopleiding Nederland (SOHON).

  • Competentieprofiel huisarts
    Het CanMeds-rapport is bij het samenstellen van het competentieprofiel van de huisarts een belangrijk richtinggevend document geweest. In dit rapport wordt onderscheid gemaakt in diverse rollen.Tijdens het dagelijks handelen hanteert de huisarts een aantal van deze rollen op sterk samenhangende wijze. Binnen de rollen zijn competenties benoemd. In het profiel is een relatie gelegd met de in een eerder stadium geformuleerde eindtermen.
    LHV - NHG - competentieprofiel van de huisarts 24-08-2005

< Terug naar huidige regelgeving CGS

Deelnemende sites

Voor deze site(s) bent u ingelogd