U bent nu hier:

“Nothing great was ever achieved without enthusiasm”

Met deze uitspraak van de Amerikaanse dichter en filosoof Emerson sloot KNMG-voorzitter Arie Nieuwenhuijzen Kruseman zijn openingstoespraak af. Aan enthousiasme geen gebrek op het MMV-congres ‘WERK IN UITVOERING’: ruim driehonderd opleiders, aios, onderwijskundigen en andere betrokkenen bij de modernisering van de vervolgopleidingen namen zeer actief deel aan het congresprogramma. Ze discussieerden volop mee over het thema ‘bureaucratie’ en brachten praktijkervaringen in bij de workshops en flitstrainingen.

Klik op bovenstaande foto voor het hele album.



Nieuwenhuijzen Kruseman benadrukte in zijn toespraak dat het van belang is om te investeren in opleidingsgroepen: “Het allerbelangrijkste is dat wij zelf veranderen. Alle leden van de opleidingsgroep fungeren voor de aios als rolmodel. Als wij het goede voorbeeld tonen, volgen aios vanzelf.”


De modernisering behelst volgens Kruseman onder meer “een verandering van passief naar actief onderwijs in een atmosfeer die vertrouwen wekt en waar aios zich veilig kunnen ontwikkelen.”

Opleider Paetrick Netten deelt die visie en gaat daarin een stapje verder dan de meeste van zijn collegae. Hij neemt zijn poligesprekken op video op en vraagt aios daar feedback op te geven. Op het MMV-congres verzorgde Netten een flitstraining over deze leermethode. Netten: “Aios denken: die man zit al zo lang in het vak, die zal het allemaal wel perfect doen. Maar het kan altijd beter en dat maakt zo’n video-opname inzichtelijk. Door feedback te geven en te krijgen, leer je wat je een volgende keer anders kunt doen. En ja, het is best griezelig, je stelt jezelf kwetsbaar op. De voordelen wegen daar echter tegenop: het is een geweldige manier om de competentie communiceren verder te ontwikkelen. Zowel voor de aios als voor mij.” (TIP! Bekijk de video over de aanpak van Netten >)



Samen leren
Hoofdspreker op het MMV-congres was Glen Bandiera, directeur van de medische vervolgopleidingen en hoofd van het traumateam van het St. Michaels Hospital in Toronto. Hij was nauw betrokken bij de ontwikkeling en evaluatie van de CanMEDS in Canada en  juicht initiatieven als die van Netten toe. “Het gebeurt ook in Canada nog te weinig dat opleiders en aios samen optrekken, samen leren. Aan aios laten we vaak alleen het medisch handelen zien. Veel van onze andere werkzaamheden ziet een aios niet, de deur gaat achter ons dicht. Voor een realistisch beeld van hun toekomstige vak is het van belang om dat met aios te delen. Ook daarin moet je je functie als rolmodel serieus nemen.”

Bandiera verbleef twee dagen in Nederland en sprak met een groot aantal opleiders. “De overeenkomsten zijn opvallend: we staan voor dezelfde uitdagingen. Ook in Canada werden de CanMEDS eerst als abstract ervaren, artsen herkenden zich er niet direct in.” De implementatie van de opleidingsplannen bleef volgens hem in Canada aanvankelijk achter. “Dat was geen onwil. Stafleden wisten gewoon niet precies wat er van hen werd verwacht. Daar hebben we heel hard aan gewerkt, onder meer door train de trainer-trainingen op te zetten, informatie te verhelderen en ervaringen te delen, bijvoorbeeld op congressen als dit. We hebben vooral veel energie gestoken in het uitleggen van de CanMEDS-rollen.”



Bureaucratisering
In Nederland is bureaucratisering van de opleiding momenteel regelmatig onderwerp van gesprek. Tijdens het MMV-congres kwam dit onderwerp aan bod tijdens een interactieve discussie onder leiding van Albert Scherpbier, voorheen voorzitter commissie Kwaliteitsindicatoren medische vervolgopleidingen en Vivienne Schelfhout, secretaris CGS. Enkele deelnemers aan de discussie vonden dat visitatiecommissies zich meer zouden moeten focussen op wat er wel goed gaat. “Het opmerken van successen werkt veel motiverender dan het vinken en het uitsluitend benoemen van verbeterpunten”. Ook werd opgemerkt dat doel en middel regelmatig door elkaar worden gehaald: “Het gaat toch niet om het aantal KPB’s dat je jaarlijks moet afnemen? Het doel is toch om de ontwikkeling van aios te volgen te stimuleren? KPB’s zijn een handig hulpmiddel in de communicatie tussen opleider en aios, het afnemen van KPB’s zou geen doel op zich moeten zijn.”

De discussieleiders informeerden de aanwezigen over de MMV-brainstormgroep ‘Bureaucratisering’, die enkele maanden geleden is samengesteld uit opleiders, aios en andere betrokkenen uit het veld. De brainstormgroep is inmiddels drie keer bijeen gekomen en brengt binnenkort advies uit aan de KNMG over de ervaren problematiek rondom bureaucratisering. 



Twee punten
Ook in Canada bestond aanvankelijk de vrees voor bureaucratisering. Bandiera: “Daar moesten we nog een weg in vinden. Neem bijvoorbeeld het geven van feedback. In mijn eigen kliniek gebruikten supervisoren hier een checklist voor. Los van de administratieve handeling bereikten we er niet het gewenste effect mee. Supervisoren hielden geen dialoog met hun aios; feedback geven was meer een kwestie van cirkeltjes plaatsen op het feedbackformulier. Dat was natuurlijk niet de bedoeling. Nu doen we dat anders. Aan het eind van elke dienst benoemen opleiders twee punten: wat ging goed en wat kan beter? Niet álles hoeft schriftelijk te worden vastgelegd. Uiteindelijk gaat het erom dat aios zich gericht en aantoonbaar ontwikkelen in de competenties die voor hun specialisme relevant zijn.”



Believer
Bandiera: “I’m not here to sell you CanMEDS. I just want to share what’s behind them.” De Canadees noemt zichzelf een echte ‘believer’. “De CanMEDS zijn voor mij heilig. Niet het model zelf, maar de visie erachter. Toen ik als tiener na een ongeluk in het ziekenhuis belandde, werd ik behandeld door een fantastische specialist. Hij legde zijn diagnose helder uit, wist een plezierige sfeer te scheppen en voerde de behandeling met goed resultaat uit. Mede door hem ben ik geneeskunde gaan studeren.”

“Maar tijdens mijn opleiding kwam ik een heel ander slag artsen tegen. Artsen die steengoed waren in diagnosticeren en technische vaardigheden, maar met zeer slechte ‘bedside manners’. Ik ben van mening dat we dat als samenleving niet moeten accepteren. Als specialist moet je op z’n minst alles goed doen. Je hoeft niet in alle competenties uit te blinken. Het kan alleen niet zo zijn dat je vaktechnisch geweldig bent, maar niks terechtbrengt van communiceren met patiënten of collega’s. Tijdens de opleiding moeten we daar tijdig op inspringen en de CanMEDS kunnen daarbij helpen, daar ben ik van overtuigd.”



Bekijk de presentaties van de plenaire sessies en de workshops >




Deelnemende sites

Voor deze site(s) bent u ingelogd