U bent nu hier:

Voltooid leven: de rol van artsen

Twintig jaar geleden werd voor het eerst gesproken over 'de Pil van Drion', bedoeld voor ouderen die hun leven 'voltooid' achten. De KNMG is van mening dat artsen ieder verzoek om euthanasie serieus moeten nemen en is geen voorstander van het aanpassen van de euthanasiewet in de richting van 'voltooid leven'. Hierdoor zou de zorgvuldigheid en transparantie van de huidige euthanasiewet verloren kunnen gaan.

Dit standpunt verwoordt Lode Wigersma, directeur beleid van de KNMG op een symposium over voltooid leven van de NVVE, Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde.

Geen route naast de euthanasiewet

Deze week is het twintig jaar geleden dat Huib Drion het voorstel deed om aan oude mensen die hun leven 'voltooid' achten, middelen te verschaffen om een eind aan het leven te maken. In de volksmond is dit de 'Pil van Drion' gaan heten.

De KNMG is geen voorstander van een aanpassing van de euthanasiewet in die richting. De KNMG vindt dat artsen ieder verzoek om euthanasie serieus moeten nemen. Met een extra weg naar hulp bij levensbeëindiging zou de transparantie en zorgvuldigheid van de huidige euthanasiewet verloren kunnen gaan.

De euthanasiewet biedt naar de mening van de KNMG belangrijke waarborgen en toetsingsmomenten die misbruik voorkomen, transparantie geven, een zorgvuldige afweging waarborgen en arts en patiënt duidelijkheid bieden. Tegelijk benadrukt de KNMG dat de euthanasiewet meer ruimte biedt voor de ouderen met een stervenswens dan vaak wordt gedacht.

Zo kan een opeenstapeling van ouderdomsklachten, inclusief functieverlies en een verlies van waardigheid een grond zijn voor euthanasie of hulp bij zelfdoding. Veel van de voorbeelden waarover gesproken wordt vallen dan ook binnen de kaders van de euthanasiewet. Dit is uitgewerkt in het onlangs verschenen standpunt van de KNMG De rol van de arts bij het zelfgekozen levenseinde.

Eigen regie

Niet alle verzoeken om euthanasie vallen echter binnen de criteria van de euthanasiewet. Daarvoor is immers een medische grondslag van de klachten nodig. Wanneer een patiënt met een dringende stervenswens niet in aanmerking komt voor euthanasie of hulp bij zelfdoding, mag de arts informatie geven over waardig sterven in eigen regie. Zo mag een patiënt worden geïnformeerd over de mogelijkheden van stoppen met eten en drinken of het verzamelen van medicijnen. Het verstrekken van informatie en het voeren van gesprekken is immers niet strafbaar.

Voor ouderen die goed worden voorbereid en begeleid door hun arts, kan stoppen met eten en drinken een begaanbare weg naar waardig sterven zijn. Essentieel daarbij is dat de arts adequate ondersteuning en begeleiding biedt, ook als hij het niet eens is met het besluit van de patiënt. Dergelijke hulp behoort tot de professionele standaard.

Tijdig praten over het overlijden

Gesprekken over het naderende overlijden worden vaak (te) lang uitgesteld. Een open, tijdig en goed contact helpt om zorgvuldige en verantwoorde beslissingen te nemen over de resterende kwaliteit van leven en sterven. Dit geeft patiënten meer regie en leidt tot minder angst en onzekerheid.

Om dit gesprek te faciliteren heeft de KNMG onlangs de handreiking Tijdig praten over het overlijden uitgebracht. Deze publicatie bevat gesprekspunten om de vragen en verwachtingen van patiënten over hun levenseinde te verkennen. De handreiking benadrukt dat het perspectief van de patiënt in het gesprek centraal moet staan: wat vindt de patiënt echt van belang in deze laatste levensfase? Waar is de patiënt bang voor?

Onderzoek voltooid leven-problematiek

'Wat als niet onthechting, maar slechte zorg of eenzaamheid ervoor zorgen dat mensen hun leven als voltooid zien?' is één van de vragen op het symposium. Al eerder gaf de KNMG aan dat voor een afgewogen maatschappelijke discussie over deze problematiek eerst grondig onderzoek moet plaatsvinden naar de aard en omvang ervan. Hoeveel ouderen zijn er die een concrete stervenswens hebben, maar niet vallen binnen de euthanasiewet? Welke problemen hebben zij, welke oplossingen zijn voor hen mogelijk? Pas als meer inzicht is verkregen in aard en omvang van deze problematiek, goed onderbouwd, een oplossing voor deze problematiek worden gezocht.

Zie ook:

Laatst gewijzigd: 18 oktober 2011

Er zijn nog geen reacties bij dit bericht. Ziet u geen reactieformulier?

U kunt ook reageren door een e-mail te sturen naar communicatie@fed.knmg.nl

Uw reactie mag maximaal 4000 tekens (incl. spaties) bevatten.

Column

    Herregistratie basisarts: brede werknorm

    Herregistratie basisarts: brede werknorm "Herregistratie is een kwaliteitsinstrument. Daarom ben ik op zich ook voor de nieuw in te voeren herregistratie voor basisartsen. Maar ik twijfel er ernstig aan of de herregistratie-eisen wel het juiste toetsen." Column van KNMG-voorzitter Rutger Jan van der Gaag. »»


Deelnemende sites

Voor deze site(s) bent u ingelogd