U bent nu hier:

Nieuwe KNMG-richtlijn voor SCEN-artsen

Hoe ga je als SCEN-arts om met vragen van collega-artsen? De KNMG-richtlijn Goede steun en consultatie bij euthanasie geeft aan wat van SCEN-artsen mag worden verwacht, maar ook waar SCEN-artsen op mogen rekenen als de behandelend arts hen inschakelt.

SCEN-artsen verschillen van opvatting over de omgang met vragen van collega-artsen om steun en consultatie, zo bleek uit een SCEN-evaluatie. Zij willen toe naar meer uniformiteit in oordeelsvorming en werkwijze. De KNMG heeft, na raadpleging van de SCEN-groepen, vuistregels vervat in de richtlijn Goede steun en consultatie bij euthanasie. Deze beoogt meer eenduidigheid en daarmee zekerheid te bieden aan SCEN-artsen, maar daarmee ook aan consultvragers en patiënten.

SCEN-artsen verschillen van opvatting over de omgang met vragen van collega-artsen om steun en consultatie, zo bleek uit een SCEN-evaluatie. Zij willen toe naar meer uniformiteit in oordeelsvorming en werkwijze. De KNMG heeft, na raadpleging van de SCEN-groepen, vuistregels vervat in de richtlijn Goede steun en consultatie bij euthanasie. Deze beoogt meer eenduidigheid en daarmee zekerheid te bieden aan SCEN-artsen, maar daarmee ook aan consultvragers en patiënten.

Verkennen van elkaars verwachtingen is cruciaal

Soms neigt een arts ernaar om bij moeilijkheden in het stervensproces de  SCEN-arts direct te bellen. Dat kan zinvol zijn, maar een logische tussenstap is om eerst met een collega te overleggen. Van SCEN-artsen mag worden verwacht dat zij bij een telefoontje eerst de feiten, de mening van de behandelaar en eventuele twijfel exploreren. Het verkennen van elkaars verwachtingen is cruciaal voor een goed verlopende SCEN-interventie.

Spoed?

Het moment van consulteren lijkt in een belangrijke mate de kwaliteit ervan te bepalen. Euthanasie en de daarbij horende consultatie is veelal niet spoedeisend. De behandelend arts moet de SCEN-arts in de gelegenheid stellen zijn werkzaamheden goed uit te voeren. De SCEN-arts moet op zijn beurt in staat en bereid zijn huisbezoeken af te leggen, zo nodig ook in de avonduren of in uitzonderlijke gevallen in het weekend.  

De KNMG-richtlijn geeft met deze en andere punten aan wat van SCEN-artsen mag worden verwacht, maar ook waar SCEN-artsen op mogen rekenen als de behandelend arts hen inschakelt.

Zie ook:

Gerelateerde berichten

Datum   Titel
11-05-2012 KNMG blijft kritisch over Levenseindekliniek
20-04-2012 Nog steeds veel behoefte aan extra scholing levenseindezorg
13-04-2012 Toetsingscommissies euthanasie uitgebreid
14-03-2012 Wat moet een arts doen als zijn patiënt een euthanasieverzoek voorlegt aan de levenseindekliniek?
06-03-2012 Reageer op de conceptrichtlijn Uitvoering euthanasie en hulp bij zelfdoding
01-12-2011 KNMG blij met steun minister Schippers in debat euthanasie
29-11-2011 KNMG-standpunt euthanasie onderwerp van overleg in Tweede Kamer
28-11-2011 Nozinan opnieuw beschikbaar
17-11-2011 Bevorder de doorlooptijd van uw melding bij de euthanasiecommissie
16-11-2011 Reactie op plannen NVVE ambulante teams euthanasie

Er zijn nog geen reacties bij dit bericht. Ziet u geen reactieformulier?

Geef uw reactie


code

Nog 4000 tekens over

Toelichting: Uw naam en woonplaats worden bij plaatsing van uw reactie getoond. Uw e-mailadres wordt niet getoond.

Geef nooit op?

'Geef nooit op?' KNMG-symposium over doorbehandelen in de laatste levensfase

  • Curatie tot het bittere eind?
  • Wie heeft de regie?
  • Geld speelt geen rol - of toch?

Praat mee op donderdag 14 juni 2012
Domus Medica, Utrecht

Deelnemende sites

Voor deze site(s) bent u ingelogd