Te lang doorbehandelen
Geneeskunde is goed in het wegschuiven van de dood, vaak met agressieve interventies. Er komt onvermijdelijk het moment waarop zelfs moderne geneeskunde niets meer kan betekenen. Is dat erg?
9 mei 2011 - Column van Eric van Wijlick, beleidsadviseur KNMG.
Dankzij de moderne geneeskunde gaan er ontzettend veel mensen minder snel dood. We zijn met zijn allen gezonder en leven langer. De keerzijde is dat patiënten meer ziekten tegelijk hebben en als gevolg daarvan meer medicatie gebruiken en behandelingen ondergaan.
Geneeskunde is goed in het wegschuiven van de dood, vaak met agressieve interventies. Er komt onvermijdelijk het moment waarop zelfs moderne geneeskunde niets meer kan betekenen. Is dat erg? Als het een vader van een jong gezin betreft meestal wel. Maar bij een negentigjarige met verschillende medische klachten die zorgen voor een toenemende aftakeling, niet altijd. Als patiënten niet meer te genezen zijn, betekent dat niet dat u niets meer kunt doen. Integendeel, u kunt juist heel veel voor uw patiënt doen en betekenen.
Atul Gawande beschrijft in The New Yorker in het levendig geschreven artikel Letting Go op indringende wijze hoe patiënten aan het leven hechten en er voor willen vechten, ook al weten ze dat het overlijden nadert. De rol van de arts is daarbij cruciaal.
Een open en goed contact met de patiënt is nodig om beslissingen zorgvuldig te nemen. De meeste mensen praten er niet over hoe zij hun eigen laatste levensfase zien. Maar als dat overlijden in zicht komt, is het wel belangrijk dat mensen daar tijdig over nadenken. Het geeft patiënten de kans de regie zoveel mogelijk te behouden. Zo vindt 75 procent van alle Nederlanders thuis de ideale plaats om te sterven. In werkelijkheid sterft slecht 25 procent thuis. Het ziekenhuis wordt door 2 procent van de bevolking gezien als ideale plaats om te sterven, terwijl ruim 35 procent daar in werkelijkheid komt te overlijden. Er is dus een kloof tussen wens en werkelijkheid.
‘Dokters zouden moeten leren om tijdig tegen een patiënt te zeggen dat ze misschien met de behandeling zouden moeten stoppen. Maar in het geven van die boodschap zijn dokters niet altijd even goed’, betoogde Robert Levi recent in Vrij Nederland.
"Veel patiënten én artsen neigen in de laatste
levensfase er naar om iets te blijven doen."
De KNMG komt binnenkort met een handreiking voor artsen om tijdig het gesprek aan te gaan over wensen en verwachtingen over het overlijden. Veel patiënten én artsen neigen in de laatste levensfase er naar om iets te blijven doen. Er is nog altijd wel een behandeling die misschien kan aanslaan. Vaak vertaalt zich dat in een stapeling van zware behandelingen. ‘Baat het niet, dan schaadt het niet’, lijkt het adagium. Dat laatste is maar de vraag. Als de kans op verbetering gering is, kan afzien van of stoppen met behandelen een goede keuze zijn.
Wat vindt de patiënt nog werkelijk van belang in zijn laatste levensfase? Gawande laat zien dat wanneer artsen dit diepgaand bespreken en patiënten echt kunnen kiezen, dit leidt tot minder angst en onzekerheid, meer regie en daarmee een betere kwaliteit van leven en sterven. Opmerkelijk is dat er aanwijzingen lijken te zijn dat patiënten die kiezen om niet te worden doorbehandeld en (thuis of in een hospice) goede palliatieve zorg krijgen niet korter, maar soms zelfs wat langer leven. Artsen behoren die keuze te bespreken als genezing niet meer mogelijk is. Dat dit niet gemakkelijk is begrijp ik heel goed. Met de KNMG-handreiking willen we artsen concreet ondersteunen.
Eric van Wijlick, beleidsadviseur KNMG
Zie ook:
Gerelateerde berichten
| Datum | Titel | |
|---|---|---|
| Waarom gaan artsen anders dood? | ||
| De complexe werkelijkheid van morele problemen | ||
| Verslag symposium 'Geef nooit op?' | ||
| Opgeven is geen optie? | ||
| 'Arts staat in behandelmodus' | ||
| Doorbehandelen of niet? | ||
| Niet de ziekte maar de zieke verdient aandacht |
Ziet u geen reactieformulier? Reacties. (1)
"Wat ben ik blij dat ook in de VS het gezonde verstand met betrekking tot wel of niet doorbehandelen ten koste alles weer terug lijkt te komen. Ik was altijd al heel blij dat ik in een specialisme (ouderengeneeskunde)werk waar deze afwegingen aan de orde van de dag zijn. Maar waar ze ook gemaakt mogen en kunnen worden. Iets wat in de dagelijkse praktijk van een ziekenhuis met vaak een veel jongere en ziekere populatie veel lastiger is.
Ik ben ervan overtuigd dat specialisten ouderen geneeskunde en specialisten werkzaam in het ziekenhuis wederzijds nog veel van elkaar kunnen leren in de komende jaren.
En wellicht kunnen wij deze gezamenlijke kennis en ervaring dan ook weer overbrengen naar dat land waar tot nu toe vrijwel alle kennis vandaan leek te komen.
Maar met zulke fantastische artsen als de heer Atul Gawande gaat dat vast wel lukken. "
Heeft u geen login en wilt u toch reageren op dit bericht?
Stuur dan een e-mail met uw reactie naar communicatie@fed.knmg.nl
Uw reactie mag maximaal 4000 tekens (incl. spaties) bevatten.
De columns op de KNMG-site zijn geschreven op persoonlijke titel
Meer columns
| Datum | Titel | |
|---|---|---|
| Seksuele intimidatie: “Was het bij ons ook zo erg?” | ||
| Over de eigen schaduw heen | ||
| De registratiecommissie nieuwe stijl | ||
| Oost west, thuis best? | ||
| Artsen moeten investeren in zelfreinigend vermogen |

