Meldpunt van Nationale ombudsman en Tros Radar maakt rol IGZ onduidelijker
Het is zeer de vraag of het nieuwe meldpunt van de Nationale ombudsman en Tros Radar resulteert in een beter functionerende IGZ. Het zal eerder leiden tot meer verwarring over de mogelijkheden en taken van de inspectie en daar is niemand mee geholpen.
14 februari 2012 - Column van Arie C. Nieuwenhuijzen Kruseman, voorzitter artsenfederatie KNMG.
De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) ligt al enige tijd onder vuur. Aanleiding daartoe is de opvatting dat de IGZ haar taak als toezichthouder niet goed heeft ingevuld in een aantal situaties waar sprake is van fouten in de zorg. Illustratief in dit kader lijkt het oordeel over het handelen van de IGZ in de zaak van de baby Jelmer in het Universitair Medisch Centrum Groningen. Dit was voor de Nationale ombudsman kennelijk een druppel die de emmer deed overlopen. Het was voor hem reden om met Tros Radar een meldpunt te openen waar slechte ervaringen met de IGZ kunnen worden gemeld.
Natuurlijk is het goed dat de Ombudsman zich bekommert om de kwaliteit van de IGZ. Maar ik denk niet dat de kwaliteit en veiligheid van de zorg geholpen zijn met een nieuw meldpunt of dat de IGZ daardoor beter gaat functioneren. Door dit meldpunt neemt de verwarring over de mogelijkheden en taken van de IGZ alleen maar toe en wordt het vertrouwen in de IGZ mogelijk verder aangetast. De Ombudsman zal met het zwartboek van de klachten die via zijn meldpunt binnenkomen immers niet dat kunnen bewerkstelligen wat de burger verwacht: behandeling van zijn of haar individuele klacht. Dat is de taak van de IGZ nu eenmaal niet.
Zorgaanbieders en zorginstellingen zijn zelf verantwoordelijk voor de kwaliteit en veiligheid van de zorg die zij leveren. Daarnaast bestaan wettelijke klachtinstanties waar individuele klachten kunnen worden ingediend en worden behandeld. Wanneer de klager daar niet tevreden over is, kan de klacht aan de tuchtrechter worden voorgelegd.
Het is de taak van de IGZ als toezichthouder om te bewaken dat zorgaanbieders en zorginstellingen zich houden aan de vereisten voor kwaliteit en veiligheid. Onderdeel daarvan is, dat de IGZ zich ervan vergewist dat de behandeling van individuele klachten voldoet aan de vereisten die zijn vastgelegd in de Wet klachtrecht cliënten zorgsector. Niet meer en niet minder.
Burgers kunnen wel een klacht deponeren bij de IGZ, maar die wordt door de IGZ overeenkomstig haar taak als systeemtoezichthouder als een signaal gezien, en kan, als er meer soortgelijke klachten zijn, reden zijn om een zorgaanbieder of zorginstellingen aan te spreken op diens verantwoordelijkheid voor kwaliteit en veiligheid van de zorg. De IGZ schiet tekort indien zij de signaalfunctie van een klacht onderschat en onvoldoende oppakt. Maar de IGZ behandelt geen individuele klachten zoals een klachtcommissie of de tuchtrechter dat doet.
De IGZ doet wel degelijk wat met signalen over haar functioneren, zo is mijn ervaring. Destijds maakte de KNMG met de IGZ afspraken over de manier waarop rapporten worden gepubliceerd. Mede naar aanleiding van de ongelukkige rapportage rond vermeende problemen bij intensive care afdelingen. Sindsdien wordt de KNMG niet meer verrast door berichten van de IGZ.
Minister Schippers vindt kennelijk ook dat de IGZ open staat voor kritiek en noemt in haar brief van 17 januari jl. aan de Tweede Kamer over het toezicht op de gezondheidszorg door de IGZ een aantal voorbeelden: de Klebsiella-uitbraak in het Maasstadziekenhuis, de gevolgen van lekkende borstimplantaten, rimpelvulmiddelen, internethandel in (nep)geneesmiddelen, et cetera. Graag voeg ik daar de rol van de IGZ in de sluiting van de Citykliniek in den Haag in 2009 aan toe.
Het meldpunt van de Nationale ombudsman is onnodig en schiet zijn doel voorbij omdat de IGZ onmogelijk individuele klachten kan behandelen. Voor behandeling van een individuele klacht kunnen burgers terecht bij de klachtencommissie van hun zorgaanbieder, of een gang naar de tuchtrechter maken. Het ware wenselijk dat ook de Nationale ombudsman de burger op deze mogelijkheden wijst, in plaats van onterechte verwachtingen te wekken bij burgers.
Arie C. Nieuwenhuijzen Kruseman, voorzitter artsenfederatie KNMG
Zie ook
Meer columns van Arie Nieuwenhuijzen Kruseman
Er zijn nog geen reacties bij dit bericht. Ziet u geen reactieformulier?
Heeft u geen login en wilt u toch reageren op dit bericht?
Stuur dan een e-mail met uw reactie naar communicatie@fed.knmg.nl
Uw reactie mag maximaal 4000 tekens (incl. spaties) bevatten.
De columns op de KNMG-site zijn geschreven op persoonlijke titel
Meer columns
| Datum | Titel | |
|---|---|---|
| Artsen moeten investeren in zelfreinigend vermogen | ||
| Psychologische gegevens: einde aan de status aparte? | ||
| Houdbare zorg begint bij harde afspraken | ||
| Vertrouwen vragen. Veel gevraagd? | ||
| Het (laatste) oordeel |

